2.3 versnellen en vertragen

Paragraafvraag
Hoe bepaal je de versnelling of vertraging van een voorwerp?

Filmpjes
Bekijk  filmpje 1 en  filmpje 2 en beantwoord de vragen bij de filmpjes.

Experiment
Voer het experiment ‘Wedstrijdje versnellen’ uit en beantwoord de vragen in je logboek (experimentenschrift).

Zelf bestuderen
Bestudeer 2.3 uit het basisboek

 

Vragen

Maak de vragen 33, 35, 36, 38 (pag. 59, 60) en de vragen 42, 43, 46, 47, 48 en 53 (pag. 63 t/m 67) uit het basisboek. Vul het bestand ‘4V H2 huiswerkregstratie.xls‘ aan.

*Verdiepen*
Bestudeer pag. 67, 68 uit het basisboek, beantwoord vragen 56 en 57.

Begrippen
– constante versnelling (of vertraging = negatieve versnelling)
– eenparig versnelde beweging (constante versnelling)
– een constant nettokracht zorgt voor een constante versnelling
– de (standaard)eenheid van versnelling is m/s² (meter per seconde per seconde)
– De versnelling is evenredig met de nettokracht bij een constante
massa
– De versnelling is omgekeerd evenredig met de massa bij een
constante nettokracht
– 2e wet van Newton: (Zeer belangrijk!)
Fres=netto kracht in newton (N)
m=massa in kilogram (kg)
a= versnelling in meter per seconde per seconde (m/s²)

Lesvoorbereiding
Welke vragen heb je zelf? Stel deze schriftelijk op…..

de uitwerkingen van de vragen